Foutcodes zoeken
Zoek naar je toestel en storingscode voor een uitleg. Staat je toestel of code er niet tussen? Dan kun je alsnog een supportticket aanmaken.
Het apparaat
Te veel schrijfcycli in het geheugen
Variabelen in het geheugen worden te vaak weggeschreven. Dit gebeurt meestal wanneer parameters te vaak achter elkaar worden gewijzigd.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of er recent veel parameters zijn aangepast
- Controleer of meerdere instellingen kort achter elkaar zijn gewijzigd
- Stop met het aanpassen van parameters
- Laat de controller enkele minuten met rust
- Kijk of de foutmelding verdwijnt nadat er geen wijzigingen meer worden gedaan
Advies
Stop met het bedienen van de controller gedurende 3 minuten of schakel de voeding 3 minuten uit. Blijft de melding daarna terugkomen zonder dat er instellingen worden gewijzigd, laat dan de controller en de regeling verder controleren.
Schrijffout in het permanente geheugen
Er treden herhaaldelijk schrijffouten op in het geheugen van opslagvariabelen. Dit gebeurt meestal wanneer parameters te vaak achter elkaar worden gewijzigd.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of er recent veel parameters zijn aangepast
- Controleer of meerdere instellingen kort achter elkaar zijn gewijzigd
- Stop met het wijzigen van parameters
- Laat de controller enkele minuten met rust
- Kijk of de melding verdwijnt nadat er geen wijzigingen meer worden gedaan
Advies
Stop met het bedienen van de controller gedurende 3 minuten of schakel de voeding 3 minuten uit. Blijft de melding daarna terugkomen zonder dat er instellingen worden gewijzigd, laat dan de controller en de regeling verder controleren.
Fout inlaatsonde
Er is een storing in de vloerverwarmingssensor of inlaatsonde. De sensor geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Voer een visuele controle uit op de bedrading en sensor
- Controleer of de draad goed vast zit
- Controleer of er een draadbreuk zichtbaar is
- Controleer of de sensor of stekker beschadigd is
- Start de regeling opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Draai de draad goed vast, sluit de draad opnieuw aan of vervang de sensor indien nodig. Blijft de melding aanwezig, laat dan ook de bekabeling en aansluiting verder controleren.
Fout uitlaatsonde
Er is een storing in de uitlaatsonde. De sensor geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Voer een visuele controle uit op de bedrading en sensor
- Controleer of de draad goed vast zit
- Controleer of er een draadbreuk zichtbaar is
- Controleer of de sensor of stekker beschadigd is
- Start de regeling opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Draai de draad goed vast, sluit de draad opnieuw aan of vervang de sensor indien nodig. Blijft de melding aanwezig, laat dan ook de bekabeling en aansluiting verder controleren.
Fout omgevingstemperatuursensor
Er is een storing in de omgevingstemperatuursensor. De sensor geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Voer een visuele controle uit op de bedrading en sensor
- Controleer of de draad goed vast zit
- Controleer of er een draadbreuk zichtbaar is
- Controleer of de sensor of stekker beschadigd is
- Start de regeling opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Draai de draad goed vast, sluit de draad opnieuw aan of vervang de sensor indien nodig. Blijft de melding aanwezig, laat dan ook de bekabeling en aansluiting verder controleren.
Fout condensorspoeltemperatuursensor
Er is een storing in de condensorspoeltemperatuursensor of koelbuis-sensor. De sensor geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Voer een visuele controle uit op de bedrading en sensor
- Controleer of de draad goed vast zit
- Controleer of er een draadbreuk zichtbaar is
- Controleer of de sensor of stekker beschadigd is
- Start de regeling opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Draai de draad goed vast, sluit de draad opnieuw aan of vervang de sensor indien nodig. Blijft de melding aanwezig, laat dan ook de bekabeling en aansluiting verder controleren.
Alarm waterstroomschakelaar
Er is een storing in de waterstroomschakelaar of de waterdoorstroming is te laag. Hierdoor kan de warmtepomp niet veilig of correct functioneren.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of het filter vervuild of verstopt is
- Controleer of alle afsluiters en kleppen volledig open staan
- Controleer of de waterpomp draait en goed functioneert
- Controleer of de pomp goed gevuld en ontlucht is
- Controleer of er lucht in het systeem zit en ontlucht het systeem indien nodig
- Controleer of de waterdoorstroming voldoende is
- Controleer of het temperatuurverschil logisch blijft en niet te groot oploopt
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Reinig eerst het filter, open alle kleppen volledig en ontlucht het systeem. Controleer daarna of de waterpomp voldoende capaciteit heeft en goed werkt. Als alle bovenstaande oorzaken zijn uitgesloten, laat dan de waterstroomschakelaar controleren en indien nodig vervangen. Blijft de storing aanwezig, laat dan het volledige watersysteem en de doorstroming verder controleren door een installateur.
Alarm fasevolgorde beveiliging
Er is een storing in de fasevolgordebeveiliging. Dit hangt meestal samen met een verkeerde parameterinstelling of een foutmelding van een driefasenapparaat.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of het om een driefasenunit gaat
- Controleer of er recent parameters zijn aangepast
- Controleer of er nog andere storingen zichtbaar zijn vanuit het driefasendeel van de installatie
- Controleer of de fasevolgorde correct is
- Controleer of de betreffende instelling in de regeling juist staat ingesteld
- Controleer de DI5-instelling op de Ot6-pagina in M09
Advies
Stel DI5 van de Ot6-pagina in M09 in op normaal open (NO). Blijft de melding daarna aanwezig, laat dan de fasevolgorde, parameterinstellingen en driefasenaansluiting verder controleren.
Lage oververhitting klep A
De elektronische expansieklep A werkt met te lage oververhitting. Dit hangt vaak samen met sterke ijsvorming op de unit of met langdurig draaien op een lage frequentie.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer visueel of er veel ijsvorming op de unit of spoel aanwezig is
- Controleer of de unit goed ontdooit
- Controleer hoe lang de unit al op lage frequentie draait
- Controleer of de bedrijfsomstandigheden binnen het toegestane werkbereik vallen
- Controleer of de verdamper of spoel vrij is van extreme rijpvorming
- Start de unit opnieuw op en kijk of de melding terugkomt
Advies
Verlaag het temperatuurverschil van de spoel op de Df05-pagina in M10. Controleer daarnaast of de unit niet langdurig buiten het toegestane werkbereik draait. Blijft de melding aanwezig, laat dan de regeling van de expansieklep, de ontdooifunctie en de bedrijfsfrequentie verder controleren.
Batterijontlading EVD
Er is een storing in de batterij van de elektronische expansieklepregeling (EEV / EVD). Dit kan worden veroorzaakt door sterke elektrische storingen of interferentie in de unit.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of er recent elektrische storingen of spanningsproblemen zijn geweest
- Controleer of de unit in een omgeving staat met veel elektrische interferentie
- Controleer of er nog andere foutcodes zichtbaar zijn
- Start de unit opnieuw op en kijk of de melding terugkomt
- Controleer of de voeding van de unit stabiel is
Advies
Schakel de voeding van de unit 3 minuten uit en start daarna opnieuw op. Blijft de melding aanwezig, laat dan de EVD / EEV-regeling, de batterij en de elektrische aansturing verder controleren.
BLDC-alarm: buiten werkbereik
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de omgevingstemperatuur niet te laag is voor de werking van de unit
- Controleer of de watertemperatuur niet te hoog is opgelopen
- Controleer op het display of de gemeten temperaturen realistische waarden aangeven
- Controleer of de unit op dat moment binnen het toegestane werkbereik gebruikt wordt
- Start de unit opnieuw op en kijk of de melding terugkomt
- Controleer of er nog andere foutcodes zichtbaar zijn die samenhangen met temperatuur of ventilatorregeling
Advies
Laat de unit binnen het toegestane werkbereik functioneren. Blijft de melding aanwezig terwijl de temperaturen normaal zijn, laat dan de temperatuurmetingen, de BLDC-regeling en de bedrijfsinstellingen verder controleren.
BLDC-alarm: startfout wachttijd
De BLDC-compressor start niet goed op. Volgens de melding hangt dit samen met een programmafout of een onjuiste softwareversie.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer welke software- of programmaversie momenteel in de unit staat
- Controleer of er recent wijzigingen of updates zijn uitgevoerd
- Controleer of de fout direct bij opstarten verschijnt
- Start de unit opnieuw op en kijk of de melding terugkomt
- Controleer of er nog andere foutcodes zichtbaar zijn die samenhangen met compressorregeling of software
Advies
Controleer of de programmaversie de meest recente is. Indien nodig moet de nieuwste software of het nieuwste programma worden geïnstalleerd. Blijft de melding daarna aanwezig, laat dan de regeling en de aansturing van de BLDC-compressor verder controleren.
BLDC-alarm: startfout overschreden
De BLDC-compressor start niet goed op en de maximaal toegestane startpoging of wachttijd is overschreden. Volgens de melding hangt dit samen met een programmafout of een onjuiste softwareversie.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer welke software- of programmaversie momenteel in de unit staat
- Controleer of er recent wijzigingen of updates zijn uitgevoerd
- Controleer of de fout direct bij opstarten verschijnt
- Start de unit opnieuw op en kijk of de melding terugkomt
- Controleer of er nog andere foutcodes zichtbaar zijn die samenhangen met compressorregeling of software
- Let op of de compressor probeert te starten maar direct weer stopt
Advies
Controleer of de programmaversie de meest recente is. Indien nodig moet de nieuwste software of het nieuwste programma worden geïnstalleerd. Blijft de melding daarna aanwezig, laat dan de regeling en de aansturing van de BLDC-compressor verder controleren.
BLDC-alarm: uitlaatgastemperatuur te hoog
De uitlaatgastemperatuur is te hoog geworden. De warmtepomp schakelt daarom in beveiliging om schade aan de compressor of andere onderdelen te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of er nog andere foutcodes zichtbaar zijn die met lage druk of koudemiddel te maken hebben
- Controleer of de unit afwijkend draait of snel in storing valt
- Controleer of de uitlaatgastemperatuur op het display een onrealistische waarde aangeeft
- Schakel de unit uit en controleer of de sensorwaarde daarna nog steeds extreem hoog of laag blijft
- Controleer visueel op mogelijke tekenen van lekkage of oliesporen, voor zover zichtbaar
- Start de unit opnieuw op en kijk of de melding terugkomt
Advies
Controleer het systeem op lekkages en herstel deze indien nodig. Daarna moet het systeem worden gevacumeerd en opnieuw met koudemiddel worden gevuld volgens het typeplaatje. Blijft de uitlaatgastemperatuursensor na uitschakelen een onrealistisch hoge of lage waarde aangeven, dan moet deze sensor worden vervangen. Laat dit uitvoeren door een installateur of koeltechnicus.
Power+ alarm 01: overstroom compressor 1/2
Compressor 1 of 2 is in overstroombeveiliging gegaan. De warmtepomp schakelt daarom in beveiliging om schade aan de compressor of de elektrische onderdelen te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer met een multimeter de spanning in rust en tijdens bedrijf
- Controleer of de spanning meer dan 10% onder de nominale waarde zakt
- Controleer of de voedingskabel voldoende draaddikte heeft
- Controleer of de bedrading goed vast zit en niet los of verbrand is
- Controleer visueel of de AC-contactor goed aantrekt en sluit
- Controleer of de fout optreedt op het moment dat de compressor inschakelt
- Controleer of er nog andere foutcodes zichtbaar zijn die met voeding of compressor te maken hebben
Advies
Zorg voor een stabiele voedingsspanning. Indien nodig moet een spanningsstabilisator worden toegepast of moet een stabielere voeding worden aangelegd. Als de bekabeling te dun is of los zit, vervang dan de kabel door de juiste draaddiameter en zet alle aansluitingen goed vast. Is de AC-contactor defect, vervang deze dan. Als bovenstaande oorzaken zijn uitgesloten, meet dan de weerstand tussen de drie compressorwikkelingen. Is die weerstand te laag of te hoog, dan is de compressor defect en moet deze worden vervangen.
Power+ alarm 03: DC-bus overspanning
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Meet de voedingsspanning met een multimeter
- Controleer of de gemeten spanning hoger is dan toegestaan
- Controleer of er spanningsschommelingen of pieken in de voeding zitten
- Controleer of andere elektrische apparaten op dezelfde groep ook afwijkingen geven
- Start de unit opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Zorg voor een stabiele voedingsspanning. Blijft de melding aanwezig, laat dan de stroomvoorziening, netspanning en elektrische aansluiting van de unit verder controleren.
Power+ alarm 04: DC-bus onderspanning
De spanning op de DC-bus is te laag geworden. De werkelijke spanning ligt meer dan 25% onder de nominale spanning, waardoor de warmtepomp in beveiliging gaat.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Meet de voedingsspanning met een multimeter
- Controleer of de gemeten spanning lager is dan toegestaan
- Controleer of er spanningsschommelingen of spanningsval in de voeding zitten
- Controleer of de bedrading goed vast zit en niet te dun is uitgevoerd
- Controleer of andere elektrische apparaten op dezelfde groep ook afwijkingen geven
- Start de unit opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Zorg voor een stabiele voedingsspanning. Blijft de melding aanwezig, laat dan de stroomvoorziening, netspanning, bekabeling en elektrische aansluiting van de unit verder controleren.
Power+ alarm: Power+ offline
Er is een storing in de communicatie of verbinding met de omvormer. De inverter wordt door de regeling als offline gezien.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de unit kort na uitschakelen direct weer is ingeschakeld
- Controleer of de inverterkabel goed vast zit
- Controleer of alle schroefaansluitingen goed zijn aangedraaid
- Controleer de stand van de vier DIP-switches op de inverter
- Controleer of de DIP-switches correct en overeenkomstig staan ingesteld
- Start de unit opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Schakel de unit opnieuw uit en wacht daarna 3 minuten voordat u deze weer inschakelt. Werkt dit niet, schakel de unit dan 10 minuten uit. Controleer daarna opnieuw de inverterkabel, de schroefaansluitingen en de stand van de DIP-switches. Blijft de melding aanwezig, laat dan de inverterverbinding en communicatie verder controleren.
EEV-alarm: lage oververhitting
De elektronische expansieklep werkt met te lage oververhitting. Dit hangt vaak samen met sterke ijsvorming op de unit of met langdurig draaien op een lage frequentie.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer visueel of er veel ijsvorming op de unit of spoel aanwezig is
- Controleer of de unit goed ontdooit
- Controleer hoe lang de unit al op lage frequentie draait
- Controleer of de bedrijfsomstandigheden binnen het toegestane werkbereik vallen
- Controleer of de verdamper of spoel vrij is van extreme rijpvorming
- Start de unit opnieuw op en kijk of de melding terugkomt
Advies
Verlaag het temperatuurverschil van de spoel op de Df05-pagina in M10. Controleer daarnaast of de unit niet langdurig buiten het toegestane werkbereik draait. Blijft de melding aanwezig, laat dan de regeling van de expansieklep, de ontdooifunctie en de bedrijfsfrequentie verder controleren.
Lagedrukalarm
De druk aan de lage zijde van het systeem is te laag geworden. De warmtepomp schakelt daarom in beveiliging om schade aan het koelcircuit of de compressor te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de verdamper bedekt is met veel ijs of rijp
- Controleer of de unit goed ontdooit
- Controleer of de ventilator normaal draait en niet te langzaam loopt of stil staat
- Controleer visueel of de ventilatorbladen beschadigd zijn
- Controleer of er oliesporen of zichtbare tekenen van lekkage op de leidingen zitten
- Controleer of de lagedruk echt laag is, als daar meetapparatuur voor aanwezig is
- Controleer of de foutcode terugkomt na opnieuw opstarten
- Controleer of de bedrading van de hoge- en lagedrukschakelaar correct is aangesloten
Advies
Voer eerst een geforceerde ontdooiing uit als de verdamper zwaar bevroren is. Zorg er daarnaast voor dat de buitentemperatuursensor zo ver mogelijk van de verdamper zit, zodat deze niet door sneeuw of ijs wordt beïnvloed. Als de ventilator defect is, vervang dan de ventilatormotor of ventilatorbladen. Draait de ventilator te langzaam, vervang dan de ventilatorcondensator indien van toepassing. Bij vermoedelijke lekkage moet het systeem op lekkages worden gecontroleerd, gerepareerd, gevacumeerd en opnieuw gevuld met koudemiddel volgens het typeplaatje. Als de lagedrukschakelaar defect is, moet deze worden vervangen. Zijn de hoge- en lagedrukschakelaars verkeerd aangesloten, corrigeer dan de bedrading en controleer het systeem opnieuw.
Hogedrukalarm
De druk in het systeem is te hoog geworden. De warmtepomp schakelt daarom in beveiliging om schade aan het koelcircuit, de compressor of andere onderdelen te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of het temperatuurverschil tussen inlaat- en uitlaatwater groter is dan 8 graden
- Controleer of het filter vervuild of verstopt is
- Controleer of de waterpomp goed draait en voldoende water levert
- Controleer of de pomp goed gevuld en ontlucht is
- Controleer of er lucht in het watersysteem zit en ontlucht het systeem indien nodig
- Controleer of de hogedrukmeter onrustig beweegt of trilt
- Controleer of de lage druk laag is en de hoge druk hoog is, als daar meetapparatuur voor aanwezig is
- Controleer of het temperatuurverschil juist klein blijft terwijl de hoge druk oploopt
- Controleer of de uitlaatwatertemperatuur niet boven 60 °C komt
- Controleer of de warmwater- of vloerverwarmingssensor op de juiste positie zit
Advies
Reinig eerst het filter en controleer de waterdoorstroming. Als de pomp te klein is, vervang deze dan door een model met voldoende opvoerhoogte en watercapaciteit. Ontlucht het systeem goed en zorg dat de pomp goed gevuld is. Als er lucht in het koudemiddelcircuit zit, moet het systeem opnieuw worden gevacumeerd en met koudemiddel worden gevuld. Is de elektronische expansieklep defect, vervang deze dan. Reinig bij vervuiling de warmtewisselaar aan waterzijde en behandel het systeemwater indien nodig. Als de hogedrukschakelaar defect is, vervang deze dan. Controleer tenslotte of de warmwater- of vloerverwarmingssensor op de juiste plaats gemonteerd is.
Fout uitlaatgastemperatuursensor
De uitlaatgastemperatuursensor geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Voer een visuele controle uit op de bedrading en sensor
- Controleer of de draad goed vast zit
- Controleer of er een draadbreuk zichtbaar is
- Controleer of de sensor of stekker beschadigd is
- Start de regeling opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Draai de draad goed vast, sluit de draad opnieuw aan of vervang de sensor indien nodig. Blijft de melding aanwezig, laat dan ook de bekabeling en aansluiting verder controleren.
Fout zuiggastemperatuursensor
De zuiggastemperatuursensor geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Voer een visuele controle uit op de bedrading en sensor
- Controleer of de draad goed vast zit
- Controleer of er een draadbreuk zichtbaar is
- Controleer of de sensor of stekker beschadigd is
- Start de regeling opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Draai de draad goed vast, sluit de draad opnieuw aan of vervang de sensor indien nodig. Blijft de melding aanwezig, laat dan ook de bekabeling en aansluiting verder controleren.
Fout watertanksensor
De watertanksensor geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Voer een visuele controle uit op de bedrading en sensor
- Controleer of de draad goed vast zit
- Controleer of er een draadbreuk zichtbaar is
- Controleer of de sensor of stekker beschadigd is
- Start de regeling opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Draai de draad goed vast, sluit de draad opnieuw aan of vervang de sensor indien nodig. Blijft de melding aanwezig, laat dan ook de bekabeling en aansluiting verder controleren.
Alarm hoge temperatuur
De uitlaatwatertemperatuur is te hoog geworden. De warmtepomp schakelt daarom in beveiliging om schade door te hoge watertemperatuur of onvoldoende waterdoorstroming te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de uitlaatwatertemperatuur hoger is dan 62 °C
- Controleer of het filter vervuild of verstopt is
- Controleer of de waterpomp goed draait en voldoende water levert
- Controleer of de pomp goed gevuld en ontlucht is
- Controleer of er lucht in het systeem zit en ontlucht het systeem indien nodig
- Controleer of alle afsluiters goed open staan
- Controleer of de ingestelde temperatuur niet onnodig hoog staat
- Start de unit opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Reinig eerst het filter en controleer de waterdoorstroming. Als de pomp te klein is, vervang deze dan door een model met voldoende opvoerhoogte en watercapaciteit. Ontlucht het systeem goed en zorg dat de pomp goed gevuld is. Bij lucht in het systeem kan een automatische ontluchter op het hoogste punt van het leidingwerk nodig zijn. Staat de ingestelde temperatuur te hoog, verlaag deze dan. Blijft de melding aanwezig, laat dan het watersysteem, de pomp en de regeling verder controleren.
Alarm lage temperatuur
De uitlaatwatertemperatuur is te laag geworden. De warmtepomp schakelt daarom in beveiliging om schade door te lage watertemperatuur of onvoldoende waterdoorstroming te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de uitlaatwatertemperatuur lager is dan 5 °C
- Controleer of het filter vervuild of verstopt is
- Controleer of de waterpomp goed draait en voldoende water levert
- Controleer of de pomp goed gevuld en ontlucht is
- Controleer of er lucht in het systeem zit en ontlucht het systeem indien nodig
- Controleer of alle afsluiters goed open staan
- Start de unit opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Reinig eerst het filter en controleer de waterdoorstroming. Als de pomp te klein is, vervang deze dan door een model met voldoende opvoerhoogte en watercapaciteit. Ontlucht het systeem goed en zorg dat de pomp goed gevuld is. Bij lucht in het systeem kan een automatische ontluchter op het hoogste punt van het leidingwerk nodig zijn. Blijft de melding aanwezig, laat dan het watersysteem, de pomp en de regeling verder controleren.
Ventilator 1 storing
De toerengeregelde ventilator 1 werkt niet goed. De storing hangt volgens de melding samen met een afwijkende stand van de driver-dipswitch.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Voer een visuele controle uit op de driver van ventilator 1
- Controleer de stand van de dipswitch
- Controleer of de schakelstand overeenkomt met de vereiste instelling
- Controleer of er geen zichtbare schade aan de driver of bekabeling is
- Start de unit opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Controleer of de stand van de ventilator-dipswitch juist is ingesteld volgens: linksboven, linksonder, rechtsboven, rechtsonder. Corrigeer de stand indien nodig. Blijft de melding aanwezig, laat dan de ventilatordriver, ventilatorregeling en bekabeling verder controleren.
Ventilatoren offline
De communicatie met de toerengeregelde ventilator is offline of de ventilator reageert niet meer correct.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de ventilator vrij kan draaien
- Draai de ventilator handmatig en controleer of deze vast zit
- Controleer of de ventilator normaal reageert bij opstarten
- Controleer of de bekabeling en connectoren goed vast zitten
- Controleer of er zichtbare schade is aan de ventilator of motor
- Start de unit opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Als de ventilator bij handmatig draaien vast blijft zitten, moet de ventilatormotor worden vervangen. Blijft de melding aanwezig, laat dan ook de ventilatorregeling, bekabeling en communicatie verder controleren.
Ventilator 2 storing
De toerengeregelde ventilator 2 werkt niet goed. Volgens de melding is de ventilatordriver defect.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer visueel of het voedingslampje van de ventilatordriver brandt
- Controleer of de ventilatordriver spanning krijgt
- Controleer of de bekabeling goed vast zit
- Controleer of er zichtbare schade is aan de driver of connectoren
- Start de unit opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Brandt het voedingslampje niet en blijft de melding aanwezig, dan moet de ventilatordriver worden vervangen. Laat daarnaast ook de voeding en bekabeling naar de driver controleren.
Veiligheidsthermostaat HV1 ingegrepen
De veiligheidsthermostaat HV1 geeft een signaal, terwijl de pelletkachel uit staat.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de pelletkachel volledig is afgekoeld
- Controleer of de veiligheidsthermostaat handmatig gereset kan worden
- Controleer de bedrading en stekkers van de thermostaat
- Controleer op beschadiging, verkleuring of los contact
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig terwijl de pelletkachel uit en afgekoeld is, laat dan de veiligheidsthermostaat, de bedrading en de printplaat controleren. Indien nodig moet de thermostaat worden vervangen.
Verkeerde fasebeveiliging
RST-sequentiefout van de 380V-warmtepompvoeding inkomende lijn
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
Controleer of het om een 3-fasen aansluiting gaat en kijk of de warmtepomp direct na opstarten deze storing geeft. Vaak wijst dat op een verkeerde fasevolgorde. Als u meetapparatuur heeft, kunt u met een fasevolgordetester controleren of de fasen juist binnenkomen. Controleer ook of er recent iets is aangepast in de meterkast, voeding of bekabeling.
Advies
Schakel een elektricien of installateur in om de fasevolgorde te meten en indien nodig twee fasen om te wisselen. Doe dit niet zelf als u niet bevoegd bent om aan 380V te werken.
Veiligheidsthermostaat HV1 geblokkeerd
De veiligheidsthermostaat HV1 is geactiveerd en blijft geblokkeerd. Daardoor schakelt de pelletkachel in storing om oververhitting of schade te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de pelletkachel volledig is afgekoeld
- Controleer of de veiligheidsthermostaat handmatig gereset kan worden
- Controleer de bedrading en stekkers van de thermostaat
- Controleer op los contact, beschadiging of verkleuring van kabels en aansluitingen
- Controleer of er een oorzaak van oververhitting zichtbaar is
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de veiligheidsthermostaat, de bedrading en de printplaat controleren. Indien nodig moet de thermostaat worden vervangen en moet de oorzaak van de oververhitting worden opgelost.
Boilerdeur geopend geblokkeerd
De pelletkachel detecteert dat de boilerdeur open staat of dat het deursignaal geblokkeerd blijft. Daardoor schakelt de kachel in storing of beveiliging.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de boilerdeur volledig gesloten is
- Controleer of de deur goed in de sluiting valt
- Controleer of de pakking en sluiting schoon en onbeschadigd zijn
- Controleer het deurcontact of de deurschakelaar op beschadiging
- Controleer de bekabeling en stekkers van het deurcontact
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Sluit eerst de boilerdeur goed en controleer of het deurcontact correct werkt. Blijft de melding aanwezig, laat dan het deurcontact, de bekabeling, de sluiting en de printplaat controleren. Indien nodig moeten defecte onderdelen worden vervangen.
Veiligheidsdrukschakelaar HV2 ingegrepen
De veiligheidsdrukschakelaar HV2 geeft een signaal terwijl de rookgasventilator draait.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of het rookgaskanaal niet verstopt zit
- Controleer of de luchtinlaat vrij is
- Controleer of de rookgasventilator draait
- Controleer de drukslang op losraken, scheurtjes of verstopping
- Controleer de stekkers en bedrading van de drukschakelaar
- Controleer of de kachel intern vervuild is en reiniging nodig heeft
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de veiligheidsdrukschakelaar, de rookgasventilator, de drukslang en het rookgaskanaal controleren. Indien nodig moeten vervuilde delen worden gereinigd of moet de drukschakelaar worden vervangen.
Storing in de waterdoorstroming
Er is niet genoeg waterdoorstroming.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Check het watercircuit of er eventuele blokkages zijn, zet alle kogelkranen etc. open
- Controleer uw watercircuit
- Overweeg het plaatsen van een buffervat
- Controleer uw filter- magnetische vuilafscheider en reinig deze
- Watercircuit ontluchten
- Controleer op eventuele lekkage en verhelp deze
- Zet de circulatiepomp snelheid handmatig omhoog (warmtepomp instellingen) F06 en F08 onder gebruikinstellingen op 100%
- Niet werkende circulatiepomp
Advies
Schakel een installateur in om het hydraulisch systeem te controleren.
Uitschakeling bij gebrek aan vuur geblokkeerd
De pelletkachel is uitgeschakeld omdat er geen vlam meer werd gedetecteerd, en deze toestand blijft geblokkeerd in de regeling staan.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of er nog voldoende pellets in het reservoir zitten
- Controleer of er pellets in de brandpot terechtkomen
- Controleer of de brandpot schoon en niet verstopt is
- Controleer of de pellets droog en van goede kwaliteit zijn
- Controleer of de luchtinlaat en rookgasafvoer vrij zijn
- Controleer of de rookgasventilator draait
- Controleer of er tijdens bedrijf nog een normale vlam aanwezig was
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Reinig eerst de brandpot en controleer de pellettoevoer. Controleer daarna de kwaliteit van de pellets, de luchttoevoer en de rookgasafvoer. Blijft de melding aanwezig, laat dan de rookgasventilator, sensoren en verbrandingsregeling controleren. Indien nodig moeten defecte onderdelen worden vervangen.
Uitschakeling door daling rookgastemperatuur
De pelletkachel is uitgevallen omdat de rookgastemperatuur te ver is gedaald. Dit wijst er meestal op dat de verbranding is weggevallen of niet goed op gang is gebleven.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of er nog voldoende pellets in het reservoir zitten
- Controleer of er pellets in de brandpot terechtkomen
- Controleer of de brandpot schoon is en niet verstopt zit
- Controleer of de kachel nog goed lucht krijgt
- Controleer of de rookgasafvoer niet verstopt zit
- Controleer of de rookgasventilator draait
- Controleer of de vlam normaal aanwezig was voordat de storing ontstond
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, reinig dan de brandpot, de verbrandingsruimte en indien nodig het rookgaskanaal. Controleer daarnaast de pellettoevoer, de rookgasventilator en de rookgastemperatuursensor. Als de storing blijft terugkomen, laat dan de kachel verder controleren op ontsteking, sensorwerking en verbranding.
Antivriesbescherming
Omgevingstemperatuur is te laag, geen abnormale fout.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de buitentemperatuur erg laag is.
- Kijk of de unit niet onnodig is uitgeschakeld geweest.
- Controleer of er voldoende spanning op de warmtepomp blijft staan.
- Controleer of de watercirculatie goed blijft lopen.
- Kijk of de installatie niet deels bevroren is of dat er geen doorstroming is.
Advies
Als de melding blijft staan terwijl de buitentemperatuur weer normaal is, laat dan een installateur controleren of de sensoren, pomp en antivriesbeveiliging goed werken.
Uitschakeling door te hoge temperatuur in de ketel geblokkeerd
De pelletkachel is uitgeschakeld omdat de temperatuur in de ketel te hoog is geworden, en deze beveiliging blijft geblokkeerd in de regeling staan.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de pelletkachel volledig is afgekoeld
- Controleer of de circulatiepomp draait
- Controleer of alle afsluiters open staan
- Controleer of er voldoende water in het systeem zit en of de druk goed is
- Controleer of er lucht in het systeem zit en ontlucht de installatie indien nodig
- Controleer of filters of leidingen verstopt zitten
- Controleer of de temperatuur op het display onrealistisch hoog oploopt
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de circulatiepomp, de waterdoorstroming, de temperatuursensor en de regeling controleren. Indien nodig moet het systeem worden ontlucht, gereinigd of moet een defect onderdeel worden vervangen.
Uitschakeling door watertemperatuur te hoog
De pelletkachel is uitgeschakeld omdat de watertemperatuur te hoog is geworden. De beveiliging grijpt in om schade aan de kachel, pomp of installatie te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de circulatiepomp draait
- Controleer of alle afsluiters open staan
- Controleer of er voldoende water in het systeem zit en of de druk goed is
- Controleer of er lucht in het systeem zit en ontlucht de installatie indien nodig
- Controleer of filters of leidingen verstopt zitten
- Controleer of de temperatuur op het display onrealistisch hoog oploopt
- Laat de kachel volledig afkoelen en start daarna opnieuw op
- Controleer of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de circulatiepomp, de waterdoorstroming, de temperatuursensor en de regeling controleren. Indien nodig moet het systeem worden ontlucht, gereinigd of moet een defect onderdeel worden vervangen.
Hogedrukfout
De druk aan de lage zijde van het koelcircuit zakt te ver weg. Hierdoor kan de warmtepomp niet goed warmte opnemen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de verdamper schoon is
- Controleer of de ventilator goed draait
- Kijk of de unit goed ontdooit
- Controleer of er voldoende waterdoorstroming is
- Controleer filter, vuilafscheider en pomp
- Controleer of de retourtemperatuur niet extreem laag is
Advies
Laat een koeltechnicus controleren op lekkage, koudemiddeltekort, laagdrukbeveiliging en ontdooiproblemen. Laat daarnaast ook de waterzijdige flow controleren.
Uitschakeling door te hoge rookgastemperatuur
De pelletkachel is uitgeschakeld omdat de rookgastemperatuur te hoog is geworden. De beveiliging grijpt in om schade aan de kachel, rookgasventilator of andere onderdelen te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de rookgasafvoer vrij is
- Controleer of de rookgasventilator normaal draait
- Controleer of de kachel intern vervuild is en reiniging nodig heeft
- Controleer of de warmtewisselaar en rookgaswegen schoon zijn
- Controleer of de vlam niet abnormaal groot of onrustig is
- Laat de kachel volledig afkoelen en start daarna opnieuw op
- Controleer of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, reinig dan de kachel grondig, inclusief rookgaswegen en warmtewisselaar. Controleer daarnaast de rookgasventilator en de rookgastemperatuursensor. Als de storing blijft terugkomen, laat dan de verbrandingsinstellingen, sensorwerking en rookgasafvoer verder controleren.
Uitschakelen vanwege te hoge uitlaatgastemperatuur geblokkeerd
De pelletkachel is uitgeschakeld omdat de uitlaat- of rookgastemperatuur te hoog is geworden, en deze beveiliging blijft geblokkeerd in de regeling staan.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de pelletkachel volledig is afgekoeld
- Controleer of de rookgasafvoer vrij is
- Controleer of de rookgasventilator normaal draait
- Controleer of de kachel intern vervuild is en reiniging nodig heeft
- Controleer of de warmtewisselaar en rookgaswegen schoon zijn
- Controleer of de vlam niet abnormaal groot of onrustig is
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, reinig dan de kachel grondig, inclusief rookgaswegen en warmtewisselaar. Controleer daarnaast de rookgasventilator en de rookgastemperatuursensor. Als de storing blijft terugkomen, laat dan de verbrandingsinstellingen, sensorwerking en rookgasafvoer verder controleren.
Storing lage druk
De druk aan de lage zijde van het koelcircuit zakt te ver weg. Hierdoor kan de warmtepomp niet goed warmte opnemen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de verdamper schoon is
- Controleer of de ventilator goed draait
- Kijk of de unit goed ontdooit
- Controleer of er voldoende waterdoorstroming is
- Controleer filter, vuilafscheider en pomp
- Controleer of de retourtemperatuur niet extreem laag is
Advies
Laat een koeltechnicus controleren op lekkage, koudemiddeltekort, laagdrukbeveiliging en ontdooiproblemen. Laat daarnaast ook de waterzijdige flow controleren.
Geen encodersignaal van de rookgasventilator
De pelletkachel ontvangt geen encodersignaal van de rookgasventilator. Dit betekent dat de regeling geen correcte terugmelding krijgt van het toerental van de ventilator.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de rookgasventilator draait bij het opstarten
- Controleer de stekkers en bedrading van de ventilator en encoder
- Controleer op los contact, beschadiging of vervuiling
- Controleer of de ventilator vrij kan draaien en niet geblokkeerd is
- Controleer of parameter P25 op 1 of 2 staat ingesteld
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de rookgasventilator, de encoder, de bekabeling en de printplaat controleren. Indien nodig moet de encoder of de complete ventilator worden vervangen. Controleer ook of parameter P25 correct is ingesteld.
Fout in encoder: geen signaal geblokkeerd
De pelletkachel ontvangt geen encodersignaal meer, en deze storing blijft geblokkeerd in de regeling staan. Daardoor krijgt de besturing geen correcte terugmelding van het toerental of de werking van het betreffende onderdeel.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of het betreffende onderdeel nog draait bij opstarten of tijdens bedrijf
- Controleer de stekkers en bedrading van de encoder
- Controleer op los contact, beschadiging of vervuiling
- Controleer of het onderdeel niet mechanisch geblokkeerd is
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of de encoder of motor zichtbaar beschadigd is
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de encoder, de motor of ventilator, de bekabeling en de printplaat controleren. Indien nodig moet de encoder of het complete aangedreven onderdeel worden vervangen. Als de fout geblokkeerd blijft, moet de storing ook correct worden gereset nadat de oorzaak is verholpen.
Fout in encoder: ventilatorregeling mislukt geblokkeerd
De pelletkachel ontvangt wel een encodersignaal, maar de regeling van het ventilatortoerental verloopt niet correct. Deze storing blijft geblokkeerd in de regeling staan.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de ventilator draait bij het opstarten
- Controleer of de ventilator hoorbaar onregelmatig draait of afwijkt in snelheid
- Controleer of de ventilator vrij kan draaien en niet vervuild of geblokkeerd is
- Controleer de stekkers en bedrading van de ventilator en encoder
- Controleer op los contact, beschadiging of vervuiling
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of ventilator of encoder zichtbaar beschadigd zijn
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de ventilator, de encoder, de bekabeling en de printplaat controleren. Indien nodig moeten ventilator of encoder worden vervangen. Als de fout geblokkeerd blijft, moet de storing ook correct worden gereset nadat de oorzaak is verholpen.
Regeling toerental rookgasventilator mislukt
De pelletkachel ontvangt wel een encodersignaal van de rookgasventilator, maar de regeling van het toerental verloopt niet correct. De ventilator draait dus niet op het gevraagde toerental.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de rookgasventilator draait bij het opstarten
- Controleer of de ventilator hoorbaar onregelmatig draait of afwijkt in toerental
- Controleer of de ventilator vrij kan draaien en niet vervuild of geblokkeerd is
- Controleer de stekkers en bedrading van de ventilator en encoder
- Controleer op los contact, beschadiging of vervuiling
- Controleer of parameter P25 op 1 of 2 staat ingesteld
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de rookgasventilator, de encoder, de bekabeling en de printplaat controleren. Indien nodig moet de ventilator of encoder worden vervangen. Controleer ook of parameter P25 correct is ingesteld voor dit type ventilatorregeling.
Communicatiefout
Er is een storing in de communicatie tussen onderdelen van de warmtepomp, bijvoorbeeld tussen printplaat en display.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Zet de warmtepomp uit en weer aan
- Controleer of de stekkers goed vast zitten
- Controleer de communicatiekabel op schade
- Kijk of er vocht, corrosie of los contact zichtbaar is
Advies
Laat een monteur de communicatiekabel, connectoren, printplaat en het display controleren en doormeten.
Lage waterdruk
De waterdruk in de installatie is te laag geworden. De pelletkachel schakelt daarom in storing of beveiliging om schade door onvoldoende watercirculatie te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer de waterdruk op de manometer of op het display
- Controleer of de installatie voldoende is bijgevuld
- Controleer op zichtbare lekkages bij leidingen, koppelingen, radiatoren of de kachel
- Controleer of er lucht in het systeem zit en ontlucht indien nodig
- Controleer na het ontluchten opnieuw de druk
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Vul de installatie eerst bij tot de juiste werkdruk. Controleer daarna of er geen lekkage aanwezig is en of het systeem goed ontlucht is. Blijft de melding aanwezig, laat dan het expansievat, de druksensor of drukschakelaar en de volledige installatie controleren.
Communicatiefout frequentieconversiemodule
de communicatie tussen het moederbord van de warmtepomp en de omvormerkaart is verbroken. Daardoor kunnen belangrijke onderdelen van de regeling niet meer goed met elkaar communiceren en kan de warmtepomp uitvallen of in storing gaan.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Schakel de warmtepomp volledig uit en haal de spanning eraf
- Controleer of de connectoren tussen het moederbord en de omvormerkaart goed vastzitten
- Controleer de communicatiekabel op beschadigingen, knikken of los contact
- Kijk of er vocht, corrosie of zichtbare schade aanwezig is op de printplaten of stekkers
- Start de warmtepomp daarna opnieuw op en controleer of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de foutcode terugkomen, dan is verdere controle door een installateur of servicemonteur nodig. In dat geval moeten meestal de communicatieverbinding, het moederbord en de omvormerkaart professioneel worden doorgemeten. Soms moet de communicatiekabel, de omvormerkaart of het moederbord worden vervangen.
Hoge waterdruk
De waterdruk in de installatie is te hoog geworden. De pelletkachel schakelt daarom in storing of beveiliging om schade aan de installatie of componenten te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer de waterdruk op de manometer of op het display
- Controleer of het systeem niet te ver is bijgevuld
- Controleer of er water uit het overdrukventiel komt
- Controleer of het expansievat nog goed functioneert
- Controleer of de druk sterk oploopt bij opwarming
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Controleer eerst of de installatie niet te vol is bijgevuld en laat indien nodig wat water af. Blijft de druk te hoog, laat dan het expansievat, het overdrukventiel en de druksensor of drukschakelaar controleren. Indien nodig moeten defecte onderdelen worden vervangen.
Fout in real-time geblokkeerd
Er is een storing in de real-time klok of tijdsregistratie van de pelletkachel, en deze fout blijft geblokkeerd in de regeling staan.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of tijd en datum op het display juist staan
- Controleer of de pelletkachel langere tijd spanningsloos is geweest
- Controleer of andere instellingen nog correct zijn opgeslagen
- Stel tijd en datum opnieuw in indien mogelijk
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Stel eerst de juiste tijd en datum opnieuw in. Blijft de melding aanwezig, laat dan de besturing, de interne klokfunctie en de printplaat controleren. Als de fout geblokkeerd blijft, moet de storing ook correct worden gereset nadat de oorzaak is verholpen.
Onjuiste tijd- en datumwaarden na langdurige stroomuitval
De tijd- en datuminstellingen van de pelletkachel zijn niet meer correct, meestal nadat de kachel langere tijd zonder netspanning heeft gestaan.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of tijd en datum op het display onjuist staan
- Controleer of de kachel langere tijd spanningsloos is geweest
- Controleer of andere instellingen nog wel correct zijn opgeslagen
- Stel tijd en datum opnieuw in
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de melding verdwijnt
Advies
Stel eerst de juiste tijd en datum opnieuw in. Blijft de melding terugkomen, laat dan de besturing of de interne klokfunctie controleren.
Beveiliging uitlaatgastemperatuur te hoog
De uitlaatgastemperatuur van het koudemiddelcircuit is te hoog geworden. De warmtepomp schakelt daarom in beveiliging om schade aan de compressor of andere onderdelen te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de warmtepomp nog normaal opstart of direct in storing gaat
- Controleer of er zichtbare vervuiling of blokkade aanwezig is in het systeem
- Controleer of filters vervuild zijn
- Controleer of de bekabeling van de uitlaatsonde en de waterinlaattemperatuursensor goed vast zit
- Kijk of er andere storingen zichtbaar zijn die met flow, druk of sensoren te maken hebben
- Let op afwijkende geluiden van de compressor of een systeem dat niet normaal draait
Advies
Blijft de foutcode terugkomen, dan moet de installatie verder worden gecontroleerd door een installateur of koeltechnicus. In dat geval moet het systeem worden nagekeken op lekkage van koudemiddel, vervuiling of verstopping in het circuit, de werking van de uitlaatsonde en de waterinlaattemperatuursensor, en de toestand van de compressor inclusief de hoeveelheid koelolie. Indien nodig moeten het filter, de sensor of andere defecte onderdelen worden vervangen.
Ontsteking mislukt geblokkeerd
De pelletkachel is er niet in geslaagd om de pellets correct te ontsteken, en deze storing blijft geblokkeerd in de regeling staan.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of er voldoende pellets in het reservoir zitten
- Controleer of er pellets in de brandpot vallen tijdens het opstarten
- Controleer of de brandpot schoon en niet verstopt is
- Controleer of de luchtinlaat en rookgasafvoer vrij zijn
- Controleer of de rookgasventilator draait
- Controleer of het ontstekingselement warm wordt, voor zover dit veilig te beoordelen is
- Controleer of de pellets droog en van goede kwaliteit zijn
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Reinig eerst de brandpot en controleer of de pellettoevoer goed werkt. Controleer daarna de kwaliteit van de pellets, de luchttoevoer en de rookgasafvoer. Blijft de melding aanwezig, laat dan het ontstekingselement, de rookgasventilator, de vijzel en de regeling controleren. Indien nodig moeten defecte onderdelen worden vervangen. Als de fout geblokkeerd blijft, moet de storing ook correct worden gereset nadat de oorzaak is verholpen.
Ontsteking mislukt
De pelletkachel is er niet in geslaagd om de pellets correct te ontsteken. Daardoor komt de verbranding niet op gang en stopt de opstartprocedure.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of er voldoende pellets in het reservoir zitten
- Controleer of er pellets in de brandpot vallen tijdens het opstarten
- Controleer of de brandpot schoon en niet verstopt is
- Controleer of de luchtinlaat en rookgasafvoer vrij zijn
- Controleer of de rookgasventilator draait
- Controleer of het ontstekingselement warm wordt, voor zover dit veilig te beoordelen is
- Controleer of de pellets droog en van goede kwaliteit zijn
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Reinig eerst de brandpot en controleer of de pellettoevoer goed werkt. Controleer daarna de kwaliteit van de pellets, de luchttoevoer en de rookgasafvoer. Blijft de melding aanwezig, laat dan het ontstekingselement, de rookgasventilator, de vijzel en de regeling controleren. Indien nodig moeten defecte onderdelen worden vervangen.
Fout temperatuursensor watertank
De temperatuursensor van de watertank geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de stekker van de watertanksensor goed vast zit
- Controleer of de kabel van de sensor niet beschadigd is
- Controleer of er geen los contact zichtbaar is bij de sensor of op de printplaat
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of de temperatuurmeting op het display een onrealistische waarde aangeeft
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, controleer dan de temperatuursensor van de watertank en vervang deze indien nodig. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de bekabeling en de aansluiting op de printplaat controleren.
Storing in hoofdvoeding geblokkeerd
Er is een probleem in de hoofdvoeding van de pelletkachel, en deze storing blijft geblokkeerd in de regeling staan.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de pelletkachel spanning krijgt
- Controleer of de stekker goed in het stopcontact zit
- Controleer of het stopcontact goed werkt
- Controleer of de voedingskabel niet beschadigd is
- Controleer of zekeringen of beveiligingen zijn uitgevallen
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de voedingskabel, netspanning, zekeringen en printplaat controleren. Indien nodig moet een defect onderdeel in de hoofdvoeding of besturing worden vervangen. Als de fout geblokkeerd blijft, moet de storing ook correct worden gereset nadat de oorzaak is verholpen.
Fout sensor temperatuur inlaatwater
De inlaatwatertemperatuursensor geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de stekker van de inlaatwatertemperatuursensor goed vast zit
- Controleer of de kabel van de sensor niet beschadigd is
- Controleer of er geen los contact zichtbaar is bij de sensor of op de printplaat
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of de temperatuurmeting op het display een onrealistische waarde aangeeft
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, controleer dan de inlaatwatertemperatuursensor en vervang deze indien nodig. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de bekabeling en de aansluiting op de printplaat controleren.
Storing voedingsspanning
Er is een probleem met de voedingsspanning van de pelletkachel. De kachel krijgt geen correcte netspanning of er is een onderbreking in de voeding.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de pelletkachel spanning krijgt
- Controleer of de stekker goed in het stopcontact zit
- Controleer of het stopcontact goed werkt
- Controleer of de voedingskabel niet beschadigd is
- Controleer of zekeringen of beveiligingen zijn uitgevallen
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de voedingskabel, netspanning, zekeringen en printplaat controleren. Indien nodig moet een defect onderdeel in de voeding of besturing worden vervangen.
RS485 aansluitfout geblokkeerd
Er is een storing in de RS485-aansluiting of communicatieverbinding, en deze fout blijft geblokkeerd in de regeling staan.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de RS485-kabel goed vast zit
- Controleer of de kabel niet beschadigd is
- Controleer de stekkers en aansluitingen op los contact
- Controleer op vocht, oxidatie of vervuiling bij de connectoren
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of het display of een andere aangesloten module nog normaal reageert
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de RS485-bekabeling, de connectoren, de printplaat en de aangesloten modules controleren. Indien nodig moet een defecte kabel, print of communicatiemodule worden vervangen. Als de fout geblokkeerd blijft, moet de storing ook correct worden gereset nadat de oorzaak is verholpen.
Communicatiefout RS485
Er is een storing in de RS485-communicatie. De pelletkachel kan hierdoor niet goed communiceren met een ander onderdeel, zoals het display, de printplaat of een externe module.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de RS485-kabel goed vast zit
- Controleer of de kabel niet beschadigd is
- Controleer de stekkers en aansluitingen op los contact
- Controleer op vocht, oxidatie of vervuiling bij de connectoren
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of het display of een andere aangesloten module nog normaal reageert
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de RS485-bekabeling, de connectoren, de printplaat en de aangesloten modules controleren. Indien nodig moet een defecte kabel, print of communicatiemodule worden vervangen.
Fout temperatuursensor verdamperspiraal
De temperatuursensor van de verdamperspiraal geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de stekker van de verdampersensor goed vast zit
- Controleer of de kabel van de sensor niet beschadigd is
- Controleer of er geen los contact zichtbaar is bij de sensor of op de printplaat
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of de temperatuurmeting op het display een onrealistische waarde aangeeft
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, controleer dan de externe spoeltemperatuursensor en vervang deze indien nodig. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de bekabeling en de aansluiting op de printplaat controleren.
Luchtstroomregeling mislukt
De pelletkachel kan de luchtstroom niet correct regelen. Daardoor verloopt de verbranding niet zoals bedoeld en schakelt de kachel in storing.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de rookgasventilator draait
- Controleer of de luchtinlaat vrij is
- Controleer of het rookgaskanaal niet verstopt zit
- Controleer of de kachel intern vervuild is en gereinigd moet worden
- Controleer de slangen, sensoren of drukschakelaar op los contact of vervuiling
- Controleer of de ventilator vrij kan draaien
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, reinig dan eerst de kachel, de luchtinlaat en het rookgaskanaal. Laat daarna de rookgasventilator, drukschakelaar, sensoren en regeling controleren. Indien nodig moeten defecte onderdelen worden vervangen.
Uitlaattemperatuursensor defect
De uitlaattemperatuursensor geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de stekker van de uitlaattemperatuursensor goed vast zit
- Controleer of de kabel van de sensor niet beschadigd is
- Controleer of er geen los contact zichtbaar is bij de sensor of op de printplaat
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of de temperatuurmeting op het display een onrealistische waarde aangeeft
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, controleer dan de uitlaatgastemperatuursensor en vervang deze indien nodig. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de bekabeling en de aansluiting op de printplaat controleren.
– Gebrek aan brandstof
De pelletkachel detecteert dat er onvoldoende brandstof aanwezig is om de verbranding goed voort te zetten. Daardoor schakelt de kachel in storing of stopt de verbranding.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of er nog voldoende pellets in het reservoir zitten
- Controleer of er tijdens bedrijf of opstarten pellets in de brandpot vallen
- Controleer of de pellets niet vastzitten in het reservoir of toevoerkanaal
- Controleer of de vijzel hoorbaar draait
- Controleer of de brandpot schoon is en niet verstopt zit
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Vul eerst het pelletreservoir bij en controleer of de pellettoevoer weer normaal werkt. Als er nog steeds geen pellets worden aangevoerd, laat dan de vijzel, de vijzelmotor en het toevoersysteem controleren. Indien nodig moeten blokkades worden verwijderd of defecte onderdelen worden vervangen.
Fout omgevingstemperatuursensor
De omgevingstemperatuursensor geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de stekker van de omgevingstemperatuursensor goed vast zit
- Controleer of de kabel van de sensor niet beschadigd is
- Controleer of er geen los contact zichtbaar is bij de sensor of op de printplaat
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of de temperatuurmeting op het display een onrealistische waarde aangeeft
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, controleer dan de omgevingstemperatuursensor en vervang deze indien nodig. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de bekabeling en de aansluiting op de printplaat controleren.
Koeluitlaatwatertemperatuur ultrakoude bescherming
De wateruitlaattemperatuur in koelbedrijf is te laag geworden. De warmtepomp schakelt daarom in beveiliging om schade door te lage temperatuur, onvoldoende doorstroming of een probleem in het watersysteem te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de waterpomp draait
- Controleer of de waterkleppen open staan
- Controleer of er voldoende waterdoorstroming is
- Controleer of er lucht in het systeem zit en ontlucht het systeem indien nodig
- Controleer of het filter of een deel van de leiding verstopt zit
- Controleer of de stekkers van de inlaat- en uitlaattemperatuursensor goed vast zitten
- Controleer op het display of de gemeten temperaturen realistische waarden aangeven
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, controleer dan het watersysteem op onvoldoende flow, lucht of verstopping. Laat daarnaast de waterpomp, waterkleppen en de inlaat- en uitlaattemperatuursensoren controleren. Indien nodig moeten de leidingen worden gereinigd, het systeem worden ontlucht of een defecte sensor worden vervangen.
Boiler-, boilerretour-, buffervat- of lage buffervatsensor open
Eén van de temperatuursensoren van de boiler, boilerretour, buffertank of lage buffertank geeft geen signaal door. Meestal betekent dit dat de sensorverbinding onderbroken is of dat de sensor defect is.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer welke sensor op de boiler of buffertank is aangesloten
- Controleer of de stekker van de sensor goed vast zit
- Controleer of de kabel zichtbaar beschadigd is
- Controleer op los contact of corrosie bij de aansluiting
- Controleer of de sensorwaarde op het display ontbreekt of onrealistisch is
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, controleer dan de betreffende sensor, bekabeling en aansluiting op de printplaat. Indien nodig moet de defecte boiler-, retour- of buffervatsensor worden vervangen.
Reinigingsmotor defect
De reinigingsmotor van de pelletkachel werkt niet goed of reageert niet meer. Hierdoor kan het automatische reinigingssysteem van de kachel niet correct functioneren.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- De reinigingsmotor is defect
- De motor zit mechanisch vast
- Er is vervuiling of blokkade in het reinigingssysteem
- De bekabeling van de reinigingsmotor is beschadigd of losgeraakt
- Er is slecht contact in de stekker of aansluiting
- De aansturing vanuit de printplaat werkt niet goed
Advies
- Controleer of de reinigingsmotor hoorbaar of zichtbaar probeert te bewegen
- Controleer of er vervuiling of blokkade zit in het reinigingssysteem
- Controleer of de motor niet mechanisch vast zit
- Controleer de stekkers en bedrading van de motor
- Controleer op los contact, beschadiging of vervuiling
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Reinigingsmotor 2 defect
De tweede reinigingsmotor van de pelletkachel werkt niet goed of reageert niet meer. Hierdoor kan het automatische reinigingssysteem niet volledig of correct functioneren.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of reinigingsmotor 2 hoorbaar of zichtbaar probeert te bewegen
- Controleer of er vervuiling of blokkade zit in het tweede reinigingssysteem
- Controleer of de motor niet mechanisch vast zit
- Controleer de stekkers en bedrading van de motor
- Controleer op los contact, beschadiging of vervuiling
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, controleer dan reinigingsmotor 2, de bekabeling en het mechanische reinigingssysteem. Verwijder eventuele blokkades en vervang de motor indien nodig. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de printplaat en aansturing controleren.
Fout oververhitting radiatortemperatuur
De temperatuur van de radiator, aandrijfkaart of hoofdprintplaat is te hoog geworden. De warmtepomp schakelt daarom in beveiliging om schade aan de elektronica of andere onderdelen te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de compressor op een normale frequentie draait
- Controleer of de ventilator goed draait en niet te langzaam loopt
- Controleer of er vuil, stof of vreemde voorwerpen op de radiator zitten
- Controleer of de luchtuitlaat niet geblokkeerd is
- Controleer of de unit voldoende ventilatieruimte heeft
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Let op afwijkende geluiden van ventilator of compressor
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, laat dan de ventilator, de radiator, de aandrijfkaart en de hoofdprintplaat controleren. In dat geval moet ook worden nagegaan of de compressor op de juiste frequentie draait en of de koeling van de elektronica voldoende is. Indien nodig moeten vervuilde onderdelen worden gereinigd of defecte onderdelen worden vervangen.
Storing watertemperatuursensor uitlaat
De uitlaatwatertemperatuursensor geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de stekker van de uitlaatwatertemperatuursensor goed vast zit
- Controleer of de kabel van de sensor niet beschadigd is
- Controleer of er geen los contact zichtbaar is bij de sensor of op de printplaat
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of de temperatuurmeting op het display een onrealistische waarde aangeeft
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, controleer dan de uitlaatwatertemperatuursensor en vervang deze indien nodig. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de bekabeling en de aansluiting op de printplaat controleren.
Reinigingsmotor 3 defect
De derde reinigingsmotor van de pelletkachel werkt niet goed of reageert niet meer. Hierdoor kan het automatische reinigingssysteem niet volledig of correct functioneren.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of reinigingsmotor 3 hoorbaar of zichtbaar probeert te bewegen
- Controleer of er vervuiling of blokkade zit in het derde reinigingssysteem
- Controleer of de motor niet mechanisch vast zit
- Controleer de stekkers en bedrading van de motor
- Controleer op los contact, beschadiging of vervuiling
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, controleer dan reinigingsmotor 3, de bekabeling en het mechanische reinigingssysteem. Verwijder eventuele blokkades en vervang de motor indien nodig. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de printplaat en aansturing controleren.
Retourgastemperatuursensor defect
De retourgastemperatuursensor geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de stekker van de retourgastemperatuursensor goed vast zit
- Controleer of de kabel van de sensor niet beschadigd is
- Controleer of er geen los contact zichtbaar is bij de sensor of op de printplaat
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of de temperatuurmeting op het display een onrealistische waarde aangeeft
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, controleer dan de retourluchttemperatuursensor en vervang deze indien nodig. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de bekabeling en de aansluiting op de printplaat controleren.
Verwarming uitlaatwatertemperatuur te hoog bescherming
De uitlaatwatertemperatuur in verwarmingsbedrijf is te hoog geworden. De warmtepomp schakelt daarom in beveiliging om schade door onvoldoende doorstroming, lucht in het systeem of een probleem met de temperatuurmeting te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de waterpomp draait
- Controleer of de waterkleppen open staan
- Controleer of er voldoende waterdoorstroming is
- Controleer of er lucht in het systeem zit en ontlucht het systeem indien nodig
- Controleer of het filter of een deel van de leiding verstopt zit
- Controleer of de stekkers van de inlaat- en uitlaattemperatuursensor goed vast zitten
- Controleer op het display of de gemeten temperaturen realistische waarden aangeven
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, controleer dan het watersysteem op onvoldoende flow, lucht of verstopping. Laat daarnaast de waterpomp, waterkleppen en de inlaat- en uitlaattemperatuursensoren controleren. Indien nodig moeten de leidingen worden gereinigd, het systeem worden ontlucht of een defecte sensor worden vervangen.
De spoeltemperatuur is te hoog
De temperatuur van de condensor of spoel is hoger dan de ingestelde beschermingswaarde. Deze fout wordt meestal samen met Er 32 weergegeven. Daarbij heeft Er 32 voorrang in de weergave.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de waterpomp draait
- Controleer of de waterkleppen open staan
- Controleer of er voldoende waterdoorstroming is
- Controleer of er lucht in het systeem zit en ontlucht het systeem indien nodig
- Controleer of het filter of een deel van de leiding verstopt zit
- Controleer of de inlaat- en uitlaattemperaturen op het display realistische waarden aangeven
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer ook de punten die bij Er 32 horen
Advies
De oplossing is hetzelfde als bij Er 32. Controleer het watersysteem op onvoldoende flow, lucht of verstopping. Laat daarnaast de waterpomp, waterkleppen en de inlaat- en uitlaattemperatuursensoren controleren. Indien nodig moeten de leidingen worden gereinigd, het systeem worden ontlucht of een defecte sensor worden vervangen.
Temperatuur frequentieconversiemodule te hoog
De temperatuur van de frequentieconversiemodule is te hoog geworden. De warmtepomp schakelt daarom in beveiliging om schade aan de elektronica te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de ventilator draait
- Controleer of de ventilator normaal draait en niet te langzaam loopt
- Controleer of de luchtinlaat en luchtuitlaat niet geblokkeerd zijn
- Controleer of er voldoende ruimte rondom de unit is voor ventilatie
- Controleer of de unit niet te dicht tegen een wand of in een afgesloten ruimte staat
- Controleer of er vuil, stof of andere blokkades aanwezig zijn in of rond de unit
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, laat dan de ventilator, de koeling van de frequentieconversiemodule en de plaatsing van de unit controleren. In dat geval moet ook worden nagegaan of de luchtcirculatie rondom de unit voldoende is en of er geen intern probleem is met de elektronica of de aansturing van de ventilator.
Flowsensor defect
De flowsensor werkt niet goed of geeft geen correct signaal meer door. Daardoor kan de pelletkachel de waterdoorstroming niet goed meten of bewaken.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de stekker van de flowsensor goed vast zit
- Controleer of de kabel niet beschadigd is
- Controleer op los contact, corrosie of vervuiling bij de aansluiting
- Controleer of de sensor zichtbaar vervuild is
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of de installatie verder normaal water circuleert
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de flowsensor, de bekabeling en de aansluiting op de printplaat controleren. Indien nodig moet de flowsensor worden gereinigd of vervangen.
Minimale luchtstroom bij Check Up niet bereikt
Tijdens de controle- of opstartfase wordt de minimale vereiste luchtstroom niet gehaald. Daardoor kan de pelletkachel de verbranding of veiligheidscontrole niet correct afronden.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de luchtinlaat vrij is
- Controleer of het rookgaskanaal niet verstopt zit
- Controleer of de rookgasventilator draait
- Controleer of de ventilator niet vervuild is en vrij kan draaien
- Controleer of de kachel intern vervuild is en reiniging nodig heeft
- Controleer slangen, drukschakelaar of sensoren op los contact of verstopping
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Reinig eerst de luchtinlaat, de rookgaswegen en de kachel zelf. Controleer daarna de rookgasventilator, de drukschakelaar en de luchtsensoren. Blijft de melding aanwezig, laat dan de ventilatorregeling en het volledige lucht- en rookgassysteem verder controleren.
Maximale luchtstroom overschreden (FL40)
De luchtstroom in de pelletkachel is hoger geworden dan toegestaan. Daardoor grijpt de regeling in om een onjuiste verbranding of storingen in de luchtregeling te voorkomen.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de rookgasventilator hoorbaar te hard draait
- Controleer of de deur en pakkingen goed sluiten
- Controleer op valse lucht bij aansluitingen, pakkingen of inspectiedeksels
- Controleer of het rookgaskanaal niet voor een te sterke trek zorgt
- Controleer slangen, luchtsensoren of drukschakelaar op los contact of beschadiging
- Controleer of de kachel recent is aangepast in parameters of luchtinstellingen
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de ventilatorregeling, de drukschakelaar of luchtsensor, de pakkingen en het rookgassysteem controleren. Indien nodig moeten de luchtinstellingen worden gecorrigeerd of defecte onderdelen worden vervangen.
Temperatuursensor van de koelbuis defect
De temperatuursensor van de koelbuis geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de stekker van de koelbuis-temperatuursensor goed vast zit
- Controleer of de kabel van de sensor niet beschadigd is
- Controleer of er geen los contact zichtbaar is bij de sensor of op de printplaat
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of de temperatuurmeting op het display een onrealistische waarde aangeeft
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, controleer dan de temperatuursensor van de koelbuis en vervang deze indien nodig. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de bekabeling en de aansluiting op de printplaat controleren.
Deurfout
De pelletkachel detecteert dat de deur open staat of dat het deursignaal niet correct wordt doorgegeven. Daardoor schakelt de kachel in storing of beveiliging.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de deur volledig gesloten is
- Controleer of de deur goed in de sluiting valt
- Controleer of de pakking of sluiting vervuild of versleten is
- Controleer het deurcontact of de deurschakelaar op beschadiging
- Controleer de bekabeling en stekkers van het deurcontact
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Sluit eerst de deur goed en controleer of het deurcontact correct werkt. Blijft de melding aanwezig, laat dan het deurcontact, de bekabeling, de sluiting en de printplaat controleren. Indien nodig moeten defecte onderdelen worden vervangen.
Geen encodersignaal van de vijzel
De pelletkachel ontvangt geen encodersignaal van de vijzel. Daardoor krijgt de regeling geen correcte terugmelding over de werking of draaisnelheid van de vijzelmotor.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de vijzel hoorbaar of zichtbaar draait
- Controleer de stekkers en bedrading van de vijzelmotor en encoder
- Controleer op los contact, beschadiging of vervuiling
- Controleer of de vijzel niet mechanisch geblokkeerd is
- Controleer of parameter P81 op 1 of 2 staat ingesteld
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de vijzelmotor, de encoder, de bekabeling en de printplaat controleren. Indien nodig moet de encoder of de complete vijzelmotor worden vervangen. Controleer ook of parameter P81 correct is ingesteld.
Regeling toerental vijzel mislukt
De pelletkachel ontvangt wel een encodersignaal van de vijzel, maar de regeling van het toerental verloopt niet correct. De vijzel draait dus niet op het gevraagde toerental.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de vijzel draait tijdens opstarten of bedrijf
- Controleer of de vijzel hoorbaar onregelmatig draait of afwijkt in snelheid
- Controleer of de vijzel niet mechanisch geblokkeerd is
- Controleer de stekkers en bedrading van de vijzelmotor en encoder
- Controleer op los contact, beschadiging of vervuiling
- Controleer of parameter P81 op 1 of 2 staat ingesteld
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de vijzelmotor, de encoder, de bekabeling en de printplaat controleren. Indien nodig moet de vijzelmotor of encoder worden vervangen. Controleer ook of parameter P81 correct is ingesteld voor deze vorm van toerentalregeling.
Microschakelaarfout geblokkeerd
De pelletkachel detecteert een storing in de microschakelaar, en deze fout blijft geblokkeerd in de regeling staan.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de microschakelaar mechanisch goed wordt bediend
- Controleer of de schakelaar niet vast zit of vervuild is
- Controleer de stekkers en bedrading van de microschakelaar
- Controleer op los contact, beschadiging of vervuiling
- Controleer of het bewegende deel dat de schakelaar aanstuurt goed functioneert
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Blijft de melding aanwezig, laat dan de microschakelaar, de bekabeling en de mechanische bediening controleren. Indien nodig moet de microschakelaar worden gereinigd, opnieuw aangesloten of vervangen. Als de fout geblokkeerd blijft, moet de storing ook correct worden gereset nadat de oorzaak is verholpen.
Modified Hydraulic Plant Er56
De pelletkachel detecteert dat de hydraulische installatie is gewijzigd of dat de ingestelde hydraulische configuratie niet meer overeenkomt met de actuele situatie van het systeem.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of er recent werkzaamheden aan de installatie zijn uitgevoerd
- Controleer of pompen, kleppen of sensoren anders zijn aangesloten
- Controleer of instellingen of parameters zijn gewijzigd
- Controleer of de huidige hydraulische opbouw overeenkomt met de ingestelde configuratie
- Start de pelletkachel opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
Advies
Controleer of de hydraulische installatie en de instellingen in de regeling nog met elkaar overeenkomen. Blijft de melding aanwezig, laat dan de hydraulische configuratie, de aangesloten componenten en de parameterinstellingen controleren en indien nodig opnieuw correct instellen.
Fout inlaattemperatuursensor economizer
De inlaattemperatuursensor van de economizer geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de stekker van de inlaattemperatuursensor van de economizer goed vast zit
- Controleer of de kabel van de sensor niet beschadigd is
- Controleer of er geen los contact zichtbaar is bij de sensor of op de printplaat
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of de temperatuurmeting op het display een onrealistische waarde aangeeft
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, controleer dan de inlaattemperatuursensor van de economizer en vervang deze indien nodig. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de bekabeling en de aansluiting op de printplaat controleren.
Fout sensor uitlaattemperatuur economizer
De uitlaattemperatuursensor van de economizer geeft geen goede meting door of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de stekker van de uitlaattemperatuursensor van de economizer goed vast zit
- Controleer of de kabel van de sensor niet beschadigd is
- Controleer of er geen los contact zichtbaar is bij de sensor of op de printplaat
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of de temperatuurmeting op het display een onrealistische waarde aangeeft
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, controleer dan de uitlaattemperatuursensor van de economizer en vervang deze indien nodig. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de bekabeling en de aansluiting op de printplaat controleren.
Storing DC-ventilator 1
DC-ventilator 1 werkt niet goed of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de stekker van DC-ventilator 1 goed vast zit
- Controleer of de kabel van de ventilator niet beschadigd is
- Controleer of de ventilator vrij kan draaien en niet wordt geblokkeerd
- Controleer of er geen vuil of vreemde voorwerpen in de ventilator zitten
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Let op of de ventilator helemaal niet draait of onregelmatig draait
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, sluit dan de kabel van de DC-ventilator opnieuw aan en controleer de ventilator op werking. Indien nodig moet de DC-ventilator worden vervangen. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de bekabeling en de aansluiting op de printplaat controleren.
Storing DC-ventilator 2
DC-ventilator 2 werkt niet goed of heeft geen goede verbinding met de regeling.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de stekker van DC-ventilator 2 goed vast zit
- Controleer of de kabel van de ventilator niet beschadigd is
- Controleer of de ventilator vrij kan draaien en niet wordt geblokkeerd
- Controleer of er geen vuil of vreemde voorwerpen in de ventilator zitten
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Let op of de ventilator helemaal niet draait of onregelmatig draait
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, sluit dan de kabel van de DC-ventilator opnieuw aan en controleer de ventilator op werking. Indien nodig moet de DC-ventilator worden vervangen. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de bekabeling en de aansluiting op de printplaat controleren.
Storing lagedrukschakelaar
De lagedrukschakelaar werkt niet goed of heeft geen goede verbinding met de regeling. Daardoor kan de warmtepomp de lage druk in het systeem niet goed bewaken.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de stekker van de lagedrukschakelaar goed vast zit
- Controleer of de kabel van de schakelaar niet beschadigd is
- Controleer of er geen los contact zichtbaar is bij de schakelaar of op de printplaat
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of er nog andere foutcodes zichtbaar zijn die met druk of koudemiddel te maken hebben
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, sluit dan de lagedrukschakelaar opnieuw aan en controleer of de aansluiting goed is. Indien nodig moet de lagedrukschakelaar worden vervangen. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de bekabeling en de aansluiting op de printplaat controleren.
Storing hogedrukschakelaar
De hogedrukschakelaar werkt niet goed of heeft geen goede verbinding met de regeling. Daardoor kan de warmtepomp de hoge druk in het systeem niet goed bewaken.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de stekker van de hogedrukschakelaar goed vast zit
- Controleer of de kabel van de schakelaar niet beschadigd is
- Controleer of er geen los contact zichtbaar is bij de schakelaar of op de printplaat
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of er nog andere foutcodes zichtbaar zijn die met druk of koudemiddel te maken hebben
Advies
Blijft de foutcode aanwezig, sluit dan de hogedrukschakelaar opnieuw aan en controleer of de aansluiting goed is. Indien nodig moet de hogedrukschakelaar worden vervangen. Als het probleem daarna nog niet is opgelost, laat dan ook de bekabeling en de aansluiting op de printplaat controleren.
Drukbescherming te laag
De werkdruk ligt onder het ingestelde setpoint. Deze fout komt meestal samen voor met een lagedrukfout, maar kan ook afzonderlijk zichtbaar zijn.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de verdamper schoon is
- Controleer of de ventilator goed draait
- Kijk of de unit goed ontdooit
- Controleer of er voldoende waterdoorstroming is
- Controleer filter, vuilafscheider en pomp
- Controleer of de retourtemperatuur niet extreem laag is
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of Er 06 ook zichtbaar is
Advies
De oplossing is hetzelfde als bij Er 06. Laat de installatie controleren op lekkage, koudemiddeltekort, vervuiling van de verdamper, ontdooiproblemen, waterflow en werking van de lagedrukbeveiliging. Indien nodig moeten defecte onderdelen worden vervangen of moet het systeem opnieuw worden afgesteld.
Drukbescherming te hoog
De werkdruk ligt boven het ingestelde setpoint. Deze fout komt meestal samen voor met een hogedrukfout, maar kan ook afzonderlijk zichtbaar zijn.
Mogelijke oorzaak
Zelf controleren
- Controleer of de ventilator draait
- Controleer of de condensor schoon is
- Verwijder vuil, bladeren en stof uit de unit
- Controleer of alle afsluiters open staan
- Controleer de systeemdruk en waterflow
- Controleer filter en vuilafscheider
- Kijk of het temperatuurverschil tussen aanvoer en retour niet te groot wordt
- Start de warmtepomp opnieuw op en kijk of de foutcode terugkomt
- Controleer of Er 05 ook zichtbaar is
Advies
De oplossing is hetzelfde als bij Er 05. Laat de installatie controleren op vervuiling, ventilatorwerking, waterflow, kalkaanslag, sensoren, koudemiddelvulling en werking van de hogedrukbeveiliging. Indien nodig moeten onderdelen worden gereinigd, vervangen of opnieuw worden afgesteld.
Je kunt alsnog een ticket aanmaken en de code handmatig invullen.
Als het probleem aanhoudt, ga dan door met het invullen van het formulier.
Ticket aanmaken